Ceo Mondelēz Benelux blikt terug op vijf maanden werken met COVID-19

Mondelēz International: ‘We houden rekening met alle scenario’s’

OOSTERHOUT/MECHELEN – De lockdown heeft voor een omslag in de werkwijze gezorgd voor grote fabrikanten wereldwijd. Mondelēz International is daar een van met ruim 2000 werknemers in de Benelux. Ceo Benelux Jan Willem Balk laat weten: “Onze werkwijze wordt enorm gewaardeerd door medewerkers.”

Jan Willem Balk had zijn 50ste verjaardag op 9 maart waarschijnlijk heel anders voorgesteld. Er staat geen taart klaar wanneer hij die dag in Mechelen is met alle topmanagers van Mondelēz Benelux. In plaats daarvan besluiten de leden van het zogenaamde ‘Special Situations Team’ een thuiswerk-lockdown af te kondigen bij de ongeveer 350 kantoormedewerkers in Nederland en België, nog vóór de overheden oproepen zo veel mogelijk thuis te werken.

“Dan werkt iedereen in één keer thuis”, zegt Balk, terugkijkend op deze periode. “Een hele andere situatie dan we gewend waren.” Dat geldt niet alleen voor de situatie op de werkvloer. Balk zag hoe de lockdown invloed heeft op heel de keten. Twee woorden komen bij de topman bovendrijven: ‘verbindend’ en ‘intens’. “We maken wat mensen eten; meer dichtbij kun je eigenlijk niet komen. We zijn in meer dan 95 procent van de huishoudens aanwezig met onze producten. We hebben veranderingen in de markt dus snel terug kunnen zien.”

Servicegraad
Na Mondelēz’ eigen lockdown volgde de landelijke maatregelen en daarmee het hamsteren in Nederland en België. “Dat heeft tot pieken geleid bij bepaalde producten, die 50 tot 70 procent meer zijn verkocht”, aldus Balk. “Denk aan Cracotte-crackers, LiGA Vitalu en de minicrackers van LU. Alles om maar te zorgen dat de kastjes thuis vol zitten, voor als de supermarkt en de bakker onverhoopt dicht zouden gaan. Toen al snel bleek dat dit niet zou gebeuren en consumenten konden vertrouwen op een degelijke supply chain, hebben we met alle klanten getracht het verkoopkanaal te blijven bedienen. Onze grondstoffen, logistiek op de juiste manier blijven organiseren is in het begin heel spannend geweest. We leveren normaal gesproken bij een servicegraad van boven de 98,5 procent. Dat betekent dat we 98,5 van de 100 dozen standaard goed uitleveren. Dat is wel wat gezakt in het begin, maar we zijn er trots op dat het altijd boven de 95 procent is gebleven en daarna weer terug omhoog.”

Pim Cavyn, directeur van de fabriek van Mondelēz in Herentals, een van de grootste koekjesfabrieken van Europa, verwoordde de situatie tegenover Jan-Willem Balk als: ‘het is alsof we gezamenlijk optrekken tegen een externe vijand’. “Dat vind ik heel treffend”, zegt Balk nu. “Dat we met zo veel mensen samen in de levensmiddelenindustrie werken is heel verbindend.”

‘Verstoringen’
Terwijl de kantoormedewerkers van Mondelēz Benelux de fabrikant vanuit huis ondersteunden, ging de productie in België, waar drie fabrieken staan, zo goed mogelijk door. Net als dat in andere landen gebeurde werd de productplanning aangepast. De hardlopers kregen prioriteit. “We zijn bezig geweest alle zogenaamde ‘verstoringen’ terug te schroeven naar bijna 0 procent, om ons te focussen op de basis, in overleg met onze klanten.”

In de aanloop van Pasen was Balk opnieuw in de fabriek te Mechelen waar hij meehielp met het uitdelen van paaspakketten aan medewerkers. “Onze ‘food heroes’, zoals ze in België heten”, zegt Balk. “Het was heel bijzonder; meer verbindend dan op een normale dag. Zeker in die fase van de epidemie was het heel spannend. Natuurlijk zijn ook wij getroffen door een aantal gevallen, die gelukkig volledig zijn hersteld. Het waart wel rond. Het is daarom nog steeds een hele intense periode. Onzekerheid voor naasten en familieleden, op afstand werken: er gebeurt heel veel, maar we hebben de klus tot nu toe heel goed geklaard.”

Tweede golf
Wat er gebeurt met Mondelēz bij een tweede coronagolf? “We staan er heel reëel in”, stelt Balk. “We houden rekening met de optie dat we na versoepeling ook de andere kant op kunnen bewegen. Er wordt weer meer gereisd, mensen gaan op vakantie of zijn dat geweest. Zo lang we buiten zijn lijkt het er goed uit te zien, maar wie gaat ons vertellen hoe het er na de zomer aan toegaat als men meer binnen leeft? We houden rekening met alle scenario’s. Het enige ‘goede nieuws’ is dat we inmiddels heel veel hebben geleerd over het managen van zoiets als een pandemie. Ik hoop dat het niet nodig zal zijn, maar we zijn volop bezig met het aanpassen van onze processen om te anticiperen op een tweede golf.”

Bron: Levensmiddelenkrant / Out.of.Home Shops