20260112_084800.jpg

Verwachting horeca 2026: lagere inflatie en stijgende koopkracht

AMSTERDAM - Out.of.Home Shops is op de vroege maandagochtend aanwezig bij de persconferentie van Koninklijke Horeca Nederland (KHN). Voorzitter Marijke Vuik blikt terug op het jaar 2025 wat betreft horeca en kijkt ook vooruit naar 2026.

Rosanne Wormgoor |

Vuik begint met de omzet van de horeca over 2025. Dit was 33,9 miljard euro. “Dat is een omzetontwikkeling van +3,8%, dus hoger dan de inflatie. Dat is heel positief. Hetzelfde geldt voor het volume. Deze was +1%. We zien nog steeds een volumestijging in de horeca ondanks de uitdagingen”, vertelt de voorzitter. Ze vertelt dat er wel een verschil tussen de verschillende sectoren te zien is. “Hotels hebben het iets minder gedaan in 2025. Cafés ook iets minder dan gemiddeld, maar vooral restaurants en fastfood hebben het heel goed gedaan in 2025 met een plus van 4,5%.”

Fastservice gegroeid
Het aantal bedrijven, exclusief zzp’ers, bedraagt 43.606. Vuik: “Daar zie je dat we over de piek heen zijn. Tussen 1 januari 2025 en 1 januari 2026 was er een daling van 278 locaties, wat neerkomt op -0,6%. Maar waar komt dat dan door?” Om dat te onderzoeken is een vergelijking gemaakt met 1 januari 2020. “Dat klinkt misschien raar, maar dat was net voor corona en dus een goed meetmoment,” aldus Vuik. Uit die vergelijking blijkt dat cafés en discotheken een daling laten zien van 21,39%, terwijl restaurants en hotels met 5% zijn afgenomen. Daartegenover staat dat fastservice juist is gegroeid, met 14,33%. Die groei is vooral te danken aan het sterke toenemen van het aantal bezorg- en afhaalbedrijven, dat in deze periode met 48% groeide.

Inmiddels is deze groei gestabiliseerd, wat de krimp in andere sectoren deels opvangt. “Er is nog geen sprake van een zorgwekkende daling, maar wel van een lichte afname en vooral van een duidelijke trendverschuiving: de horeca verschuift steeds meer van de avond naar de dag", concludeert Vuik. Een ander geven dat opvalt, is dat het aantal locaties voor koffie en desserts is gegroeid. “Dat is een nieuwe categorie die wordt bijgehouden als het gaat om het aantal locaties. Dus vooral dagconcepten doen het goed en de afhaal- en bezorgconcepten.”

Winstgevendheid grootste uitdaging
Het aantal faillissementen lag in 2025 iets hoger dan in de afgelopen tien jaar. “Echter als je kijkt naar historisch perspectief valt dit nog binnen de markt. Elk faillissement is er natuurlijk één te veel, maar de cijfers zijn nog niet heel zorgwekkend. Om die daling verder te onderzoeken, hebben we gekeken naar het aantal starters en stoppers. Het aantal stoppers stijgt en het aantal starters vlakt af. Dat is wel een ietwat zorgwekkende lijn. Dit is te wijden aan het feit dat het moeilijk is om een lening te krijgen; dat is een extra drempel en daarnaast is de grootste uitdaging de winstgevendheid. We moeten zorgen dat het voldoende rendabel blijft om te ondernemen”, meent Vuik.

Op dit moment staan de marges enorm onder druk en zit het probleem niet aan de vraagkant, maar aan de kostenkant. “We hebben nog steeds een volume- en omzetstijging, maar daartegenover staat dat we nog steeds herstellende zijn van een crisis. Na de corona kwam er een enorme piek in inflatie. Energie en arbeid zijn veel duurder geworden. Als je dat alles bij elkaar optelt, hebben veel het niet meer onder controle”, zegt de voorzitter. De schuldenlast ziet er dan ook niet positief uit. “10% geeft aan dat er een redelijk risico is dat ze binnen een jaar moeten sluiten, 2% zelfs binnen een paar maanden en 20% is onzeker. Eén op de vijf horecaondernemers geeft aan dat ze op dit moment geen winst maken of zelfs verlies maken.”

Vergrijzing en ontgroening
De arbeidsmarkt in de horeca laat een positief beeld zien. “Met 522.005 banen werken er meer mensen in de sector dan ooit. De horeca blijft aantrekkelijk als werkgever, al bestaat 51% van de werknemers uit jongeren tussen de 15 en 24 jaar, waardoor de sector sterk op deze groep leunt. Door vergrijzing en ontgroening merkt de horeca arbeidsmarktkrapte vaak eerder dan andere sectoren, maar die is momenteel onder controle en weer op het niveau van vóór corona. De piek van de krapte ligt achter ons en na het halveren van het personeelsbestand tijdens corona is de sector er zelfs in geslaagd sterker dan ooit terug te komen”, legt Vuik uit.

Over 2026 zegt de voorzitter dat er vooral rust en stabiliteit nodig is. “Dit is nodig zodat we vooruit kunnen en zodat we weer kunnen bouwen. We verwachten dat de inflatie daalt met 2,2-2,5%. Dat is voor ons een hele belangrijke en het geeft veel hoop. Daarnaast neemt de koopkracht toe met 1,3%”, meent Vuik. Hoewel de arbeidsmarkt krap blijft, is er een verbeterd consumentenvertrouwen. “De meeste ondernemers kijken positiever naar hun eigen bedrijf dan naar de markt in zijn algemeenheid. Er zijn zorgen, maar ondernemers zijn van nature wel redelijk positief en dat is mooi om te zien. De top drie zorgen van ondernemers op korte termijn zijn: werkgeverslasten (70%), stijgende inkoopkosten (66%) en regeldruk (54%).”

Conclusie
De conclusie is dat 2025 een uitdagend jaar was en dat 2026 hopelijk meer stabiliteit brengt, zodat er weer gebouwd kan worden aan de toekomst. “De problematische schuldenlast zal op korte termijn niet verdwijnen en blijft een zorg voor de komende jaren, al is de verwachting dat lagere inflatie en stijgende koopkracht de marges geleidelijk kunnen verbeteren. Innovatie speelt in 2026 een sleutelrol, omdat de sector midden in een transitie zit waarin hetzelfde werk met minder mensen moet worden gedaan. Daarbij blijft persoonlijk contact wel essentieel. Data vormt hierbij een belangrijke pijler, omdat inzicht en benchmarking ondernemers sterker maken. Tot slot blijven marges onder druk staan en is vermindering van regeldruk cruciaal, zodat ondernemers minder tijd kwijt zijn aan administratie en het ondernemerschap weer leuker wordt”, sluit Vuik af.

Bron: Out.of.Home Shops