iStock-2159131408 Foto: iStock

Hoger minimumjeugdloon raakt horeca minder hard

UTRECHT – De verhoging van het minimumjeugdloon per 1 januari 2027 zal de horeca minder hard raken dan bijvoorbeeld de detailhandel. Dat verwacht Leontine Treur, senior econoom bij Rabobank. Vooral voor 17- tot en met 19-jarigen stijgt het minimumjeugdloon fors, in sommige gevallen met 25% of meer.

Redactie |

Ongeveer een derde van de banen in de horeca wordt ingevuld door jongeren onder de 20 jaar. Het gaat daarbij vaak om scholieren en studenten die in deeltijd werken. Daardoor is hun aandeel in het totaal aantal gewerkte uren aanzienlijk lager. Volgens berekeningen van Rabobank, op basis van cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), zijn jongeren onder de 20 jaar goed voor 19% van het totale arbeidsvolume in de horeca.

Concurrerend blijven
Van de 15- tot en met 19-jarigen die in de horeca werken, verdient bijna driekwart al meer dan 130% van het voor hun leeftijd geldende minimumjeugdloon. Toch verwacht Rabobank dat horecaondernemers niet volledig aan extra loonstijgingen zullen ontkomen.

“Als de jeugdlonen in andere sectoren, zoals de detailhandel, flink omhooggaan, zullen horecaondernemers zich mogelijk toch genoodzaakt zien de lonen verder te verhogen om concurrerend te blijven. Het aantal jongeren neemt af, waardoor de personeelskrapte in de horeca verder toeneemt”, schrijft Treur.

Pensioenopbouw
Ook de gevolgen voor de pensioenopbouw blijven volgens Rabobank in de horeca beperkt. “Niet alleen liggen de jeugdlonen in de horeca hoger dan gemiddeld, ook is de AOW-franchise in deze sector lager dan gemiddeld. Daardoor bouwen veel 18- en 19-jarigen in de horeca nu al pensioen op bij Pensioenfonds Horeca & Catering.”

Rabobank verwacht dat de verhoging van het minimumjeugdloon niet zal leiden tot een significante stijging van de jeugdwerkloosheid. De arbeidsmarkt blijft krap, jongeren worden schaarser en zijn voor werkgevers nog altijd goedkoper dan volwassen werknemers.

Bron: Out.of.Home Shops