‘Misschien kunnen we in de toekomst bij een tankstation waterstof tanken, de weekboodschappen doen en daarna nog even yogales volgen’

Trend: tankstation wordt servicestation

NIEUWVEEN - Ondanks dat sinds 2017 het aantal onbemande tankstations fors stijgt, zijn er ook steeds meer tankstations die juist voor een servicegerichte aanpak kiezen. In plaats van alleen tanken, kan de consument er ook de auto wassen, boodschappen doen en lunchen. Hoe ontwikkelt zich dit verder?

“Toen ik 16 jaar geleden begon in deze branche, keken we nog per bedrijfsonderdeel. Tanken, wassen, winkel of bakkerij, elk bedrijfsonderdeel zou op zichzelf winstgevend moeten zijn. Dat hebben we inmiddels wel losgelaten”, vertelt Christiaan van der Straaten, adviseur van Beta, de grootste belangenvereniging voor zelfstandige tankshopondernemers. “Nu kijken we naar het gehele plaatje.” Hij geeft de ondernemers onder andere advies over hoe zij een tankshop kunnen runnen.

Het belang daarvan is groot. Het aantal onbemande tankstations groeit hard, ze ontstaan echter vaak uit noodzaak. Dan gaat het om stations met slechts een kleine winkel waar de voornaamste inkomstenbron de brandstof of tabak is. Als verkeer alleen langskomt als de benzine voor een (te) lage prijs wordt aangeboden, wordt het bemannen van het tankstation te duur.

“Wanneer een tankstation de overstap naar onbemand maakt, is de gang naar beneden ingezet. Alleen op benzineprijs onderscheiden is een wankel gegeven, het is een homogeen goed”, zegt Van der Straaten. Vanuit Beta kijkt hij daarom naar mogelijkheden om de overgang naar onbemand zo lang mogelijk uit te stellen. Daar is soms alleen een beetje kennis van trends of een oventje voor nodig. Het belangrijkste is het totale rendement: op het moment dat een bakkerij verlies draait, maar de ondernemer vanwege de bakkerij zich kan permitteren minder korting op de brandstof te geven kan hij zich ook redden.

Horeca
Ook Puck Wilbers, adviseur bij HTC Advies, herkent dat ondernemers op zoek zijn naar uitgebreidere diensten. “Wij richten ons op de gehele hospitalitybranche, maar zien de afgelopen jaren ook steeds meer interesse vanuit de petrolhoek. Naast het primaire doel van tankstations zijn ondernemers op zoek naar hoe ze meer kunnen doen op het gebied van gastvrijheid. Het creëren van een horecagelegenheid wordt in dat geval steeds belangrijker. Niet alleen als inkomstenbron, maar ook om de aantrekkingskracht van de shop te vergroten. Want zo’n gelegenheid bepaalt soms wel de keuze om naar een bepaald tankstation te gaan. Evenals de kwaliteit van de broodjes, die beïnvloedt dan waar je gaat tanken.”

Het draait overigens niet alleen om gastvrijheid. De locatie van de tankstations blijkt ook van groot belang om voordeel uit de extra services te halen, waarbij het sleutelwoord ‘traffic’ is. Bedrijvigheid rondom het tankstation geeft kansen, vertelt Wilbers. “Het beste zit je langs de snelweg in de Randstad, want vooral rond de steden zijn we steeds vaker 24/7 onderweg. De consument wil zijn tijd zo efficiënt mogelijk besteden, dan is het fijn als er plekken zijn die meerdere faciliteiten bieden, zeker als diegene er toch al langsrijdt. Ook in deze coronatijd gaan consumenten op zoek naar efficiënte locaties waar ze meerdere taken kunnen afhandelen.”

Origineel
Die aantrekking genereren is mogelijk door de combinatie met een al bestaande retailformule. Zo hebben Albert Heijn en Spar verschillende samenwerkingen met tankstations gesloten, waardoor de consument langs de snelweg nog even een vergeten boodschap kan doen. Van der Straaten is er niet enthousiast over: “Ik snap dat een grote speler als BP of Esso niet voor alle tankstations een maatwerk boodschappenaanbod samen wil stellen. Dan kun je beter gaan voor een bewezen formule waarbij de procedures al bekend zijn. Maar ik denk dat een lokale ondernemer met een eigen en origineel maatwerkconcept beter kan scoren.”

Uitstraling
In veel tankstations is men daar dan ook al wel mee aan de slag gegaan, met wisselend succes. Wilbers: “Vaak begon het met enkel een winkeltje waar een vraag kwam naar verse broodjes. De ondernemer schafte een klein oventje aan voor een paar broodjes. Dan komt er meer vraag, waardoor er een saladebar bijkomt en groeit het organisch uit tot een heuse broodjescorner. Uiteindelijk lopen ondernemers aan tegen het feit dat het best een belangrijk businessonderdeel is geworden, zonder kennis van wat er eigenlijk vakkundig bij komt kijken. Dan is advies van buitenaf handig: kijken naar inkoop- of personeelskosten, het efficiënt laten verlopen van de processen en bijvoorbeeld tips over hoe je de broodjes er hetzelfde uit laat zien. Een stukje professionalisering dus.”

Bij deze professionalisering is er onderscheid tussen een voor- en een achterkant. De voorkant, wat voor de consument te zien is, helpt de omzet van de winkel verhogen. Daarbij spelen uitstraling en hoe de consument verleid kan worden een belangrijke rol. Potentiële klanten moeten in eerste instantie getriggerd worden om wat te nemen. Een verleidelijke uitstraling van de broodjes, de geur van vers gebakken brood, een goede routing en het duidelijk zichtbaar weergeven van specials en aanbiedingen dragen daaraan bij.

Daarnaast is orde achter de schermen van groot belang. “Doordat veel ondernemers elke keer een stapje verder zijn gegaan, zie je soms dat iedereen door elkaar heen staat te bewegen”, valt Wilbers op. “Met een stukje routing áchter de schermen kunnen ondernemers daarom al hele slagen maken. Ook goed nadenken over de inrichting: waar staan de salades, ovens en broodjes? Met het inregelen van die processen is het soms mogelijk om met minder personeel efficiënter te werken.”

Maar wanneer de tankshop eenmaal op de rails staat, kan het uiteindelijk volgens zowel Wilbers als Van der Straaten grote vormen aannemen. Van der Straaten: “Waar we vroeger nog op één segment focusten, dus bijvoorbeeld horeca of een supermarktidee, zie je nu dat het aanbod steeds groter wordt. Niet alleen een uitgebreidere winkel en broodjes, maar ook pizza’s, snacks of zelfs sushi. Daarom besteden wij vanuit Beta ook extra aandacht aan het opleiden van personeel naar volwaardige horecamedewerkers.”

Yoga
Wilbers vermoedt dat in de toekomst de functie van tankstations nog extravagantere vormen aan zou kunnen nemen. Met de brandstoftransitie in het verschiet, waarbij zelfs elektrisch snelladen toch al snel zes of zeven minuten duurt, heeft de consument even de tijd. “Dan kan diegene nog snel een boodschap doen, zijn laptop openklappen of even een koffie drinken. Het zou me daarom niks verbazen als we over tien jaar echt hele luxe servicestations gaan zien.”

Volgens haar zijn de mogelijkheden nog groter. “Als we nog wijder kijken, kunnen we ook overgaan op concepten die nu al in het buitenland te vinden zijn. Waarbij je stations ziet waar je op één plek zeven verschillende restaurants hebt en nog meer overige services. Zeker met in ons achterhoofd dat mensen steeds meer gaan thuiswerken: áls ze dan het huis uitgaan, willen ze dat wel efficiënt doen. Hoe handig is het dan als het op één plek mogelijk is om waterstof te tanken, boodschappen te doen en je zelfs nog even naar yoga kan gaan?”

Amerikaans
Ook Van der Straaten ziet dat de functie van tankstations zich nog verder kan verbreden. Beta heeft Berenschot een rapport uit laten brengen waarin naar voren komt dat het tankstation van de toekomst een zeer divers aanbod zal gaan bieden. Er valt bijvoorbeeld ’s avonds nog veel te winnen. Op dit moment zijn er slechts enkele locaties waar consumenten terechtkunnen voor een avondmaaltijd.

“Eigenlijk is het een kip-eiverhaal”, verzucht hij. “Consumenten weten dat je een prima broodje kan halen bij een tankstation, maar dat het voor de avond beperkt is tot een saucijzenbroodje en een gehaktstaaf. Ik snap dat ze daar geen zin in hebben. Maar we denken juist dat we wel echt naar een Amerikaans model gaan, waarbij mensen de hele dag buiten de deur eten. Dat zien wij alleen nog niet terug in de avond, misschien omdat iedereen dan alweer van de snelweg af is. Omdat de consument er echter niet voor naar de stations komt, is het voor ondernemers een groot risico om daarin te investeren. Als leveranciers dan met producten komen die redelijk vers zijn, niet al te ingewikkeld te bereiden zijn en ook niet te snel over de datum gaan, dan zijn er zeker mogelijkheden, in mijn opinie. Dan kunnen die ondernemers dat ook eens uitproberen.”

Maar om daar te komen moeten er wel eerst nog verschillende stappen worden doorlopen. Ook vanuit leveranciers kan er nog wel een handje worden bijgestoken. Te beginnen met een ondernemer die weet waar hij mee bezig is. “De ondernemers waren tankstationhouders en moeten nu ineens kwalitatief hoogwaardige foodproducten neerzetten”, verduidelijkt Wilbers. “Een adviserende rol van leveranciers waarin ook wordt meegedacht over omzetkosten en structuur, zou daarin zeker niet verkeerd zijn.”

Samenwerking
Daarnaast valt er winst te behalen in het ontzorgen van het personeel. “Je ziet langzaamaan dat de markt hierop inspeelt door samenwerking tussen levensmiddelenfabrikanten en leveranciers van apparatuur. Het zijn geen koks die er staan, maar klanten verwachten wel een tophamburger te krijgen. Als het personeel een hamburger aan de apparatuur kan toevertrouwen en deze er precies medium gebraden uitkomt, helpt dat de ondernemer enorm”, aldus Wilbers. “Het zijn kleine stapjes, maar daarmee zouden we uiteindelijk heel ver kunnen komen.”

Dit artikel verscheen eerder in de papieren editie van Out.of.Home Shops. Abonneren? Klik hier.